Italiaanse verkiezingen kunnen leiden tot een langdurige impasse

26-02-18

Het belangrijkste politieke strijdpunt in Italië lijkt niet meer het EU-lidmaatschap te zijn. Het gaat inmiddels meer om de vooruitzichten voor het begrotingsbeleid. In combinatie met de sterke opleving van de Italiaanse economie kan dit verklaren waarom de verkiezingen geen belangrijk marktthema zijn. Toch kunnen beleggers beter niet te zelfgenoegzaam zijn.

Het belangrijkste probleem is nog steeds de lage potentiële groei. Om de groei op te stuwen, moet Italië de schuldquote van 132% verlagen. Daarvoor zijn structurele hervormingen nodig, door een sterke en stabiele regering. De kans lijkt echter vrij klein dat er op 4 maart een verkiezingsuitslag is die zo’n regering mogelijk maakt.

De Italiaanse verkiezingen lijken geen belangrijk marktthema

Italië houdt op 4 maart algemene verkiezingen. In tegenstelling tot wat vorig jaar algemeen werd gedacht, lijkt dit geen belangrijk marktthema te zijn. De reden hiervoor is tweeledig:

  • Ten eerste kent de Italiaanse economie een sterke cyclische opleving, die waarschijnlijk de belangrijkste factor is voor de koersvorming op markten. Daarnaast neemt bij een krachtige economie de ontevredenheid bij de kiezer meestal af.
  • De tweede reden houdt hiermee verband: de anti-EU-partijen in Italië hebben hun retoriek flink afgezwakt en willen niet langer een referendum over de euro of het EU-lidmaatschap.

Italië herstelt, terwijl de ECB voor een vangnet blijft zorgen

Het cyclische herstel in Italië wordt gedreven door de buitenlandse en binnenlandse vraag, waarbij die laatste profiteert van een behoorlijke werkgelegenheid en een groei van de kapitaaluitgaven (capex). In combinatie met structurele hervormingen uit het verleden kan dit zorgen voor een betere potentiële groei.

Hoge staatsschulden kunnen in de toekomst echter een probleem vormen, omdat er wellicht bezuinigingen nodig zijn. De gemiddelde looptijd van de Italiaanse schuld is in de afgelopen jaren echter toegenomen, waardoor een eventuele stijging van de Italiaanse obligatierente slechts geleidelijk zal leiden tot hogere gemiddelde rentekosten.

In elk geval verwachten we dat de normalisatie van het ECB-beleid zeer geleidelijk zal gaan en dat het grote aantal Italiaanse obligaties op de balans zal voorkomen dat de spreads in Italië te veel stijgen. Dit effect zal worden versterkt in de mate dat beleggers verwachten dat de ECB weer in actie zal komen als een liquiditeitsprobleem tot een volgende sterke stijging van de spreads zou leiden.

Economische groei Italië blijft onder het gemiddelde van de eurozone

Bron: Thomson Reuters Datastream, NN Investment Partners

Het grootste probleem van Italië is een lage potentiële groei

De Italiaanse regering heeft enkele stappen gezet om de gezondheid van het banksysteem te verbeteren. Er kwam een fonds voor de herkapitalisatie van banken, er werden maatregelen genomen om de markt voor slechte leningen te verbeteren en de insolventieprocedures werden hervormd. Geschat wordt dat het kapitaaltekort met betrekking tot slechte leningen slechts ongeveer 1% van het Italiaanse bbp bedraagt. Deze ontwikkelingen, gecombineerd met een toename van het vertrouwen, hebben geleid tot een versoepeling van het kredietaanbod.

Het grote aantal slechte leningen kwam niet door het leeglopen van een zeepbel zoals in Spanje en Ierland, maar door een sluimerend probleem vanwege de laag blijvende productiviteitsgroei. Een lage potentiële bbp-groei, gedreven door een lage onderliggende groei van de productiviteit, is het grootste probleem van Italië. In de jaren zeventig en tachtig kon Italië een gebrek aan hervormingen opvangen met een ruimere begroting en devaluaties van de lire. Hierdoor bleef de vraagzijde van de economie draaien en dit had ook een aantal positieve neveneffecten op de aanbodzijde. Maar sinds halverwege de jaren negentig kunnen deze impulsen niet meer worden gebruikt. Structurele hervormingen zijn dus de enige optie.

Er zijn inmiddels enkele hervormingen doorgevoerd, maar er is meer nodig. De arbeidsmarkt wordt nog gekenmerkt door een tweedeling tussen vaste contracten en flexwerkers, terwijl de loononderhandelingen nog een gecentraliseerd proces zijn. Dit voorkomt dat bedrijven kunnen reageren op bedrijfseigen omstandigheden. Bovendien moeten inefficiënties bij het openbaar bestuur en het gerechtelijk apparaat worden aangepakt en de dienstenmarkten worden geliberaliseerd.

Zulke hervormingen zijn voor Italië noodzakelijk om een hogere groei te bereiken, waardoor het land zijn schuldenlast van 132% van het bbp kan terugdringen. Voor het doorvoeren van deze hervormingen is echter een sterke en stabiele overheid nodig.

Parlement zonder werkbare meerderheid verwacht

Het valt nog te bezien of Italië een sterke en stabiele regering zal krijgen. De nieuwe kieswet die in oktober 2017 werd goedgekeurd, bevordert de vorming van coalities. Zowel in het Lagerhuis als in de Senaat wordt 36% van de zetels verdeeld via een meerderheidsstelsel en de resterende 64% volgens evenredige vertegenwoordiging, met één stemronde. Kiezers kunnen hun stem op individuele kandidaten ook niet scheiden van hun stem op de partijlijst. Dit maakt het erg moeilijk om het aandeel van de stemmen te vertalen naar het aantal zetels.

De algemene consensus is dat een coalitie minstens 40% van de stemmen nodig heeft voor een meerderheid. De laatste peilingen wijzen echter op een parlement zonder werkbare meerderheid.

Het Italiaanse politieke spectrum bestaat uit drie hoofdgroepen: de Vijfsterrenbeweging, een partij tegen de gevestigde orde van Luigi Di Maio, centrumlinks geleid door Matteo Renzi van de Democratische Partij en centrumrechts onder leiding van Silvio Berlusconi van Forza Italia. In de laatste groep zitten ook de Noordelijke Liga en de Broeders van Italië, die zich in het recente verleden sterk hebben afgezet tegen de Europese Unie. Positief is dat die laatste twee partijen in hun retoriek beduidend minder anti-EU zijn geworden.

Volgens de peilingen zal de centrumrechtse coalitie de verkiezingen winnen. De laatste peilingen wijzen erop dat zij ongeveer 35% van de stemmen krijgen. Centrumlinks staat op dit moment op 29% en de Vijfsterrenbeweging op 28%. Dit betekent dat niemand een regering kan vormen. Het verwachte resultaat is ofwel een onstabiele ‘grote coalitie’ ofwel een langdurige impasse, die uiteindelijk tot nieuwe verkiezingen zal leiden.

Zoals gezegd zal het belangrijkste strijdpunt niet langer het lidmaatschap van de EU of de euro zijn, maar de vooruitzichten voor het begrotingsbeleid. Veel partijen willen meer ruimte voor fiscale versoepeling. Dit kan hen in conflict brengen met de Europese Commissie en de kernlanden van de eurozone. Toch kunnen we ons een compromis voorstellen met aan de ene kant een grotere flexibiliteit in de begroting en anderzijds grotere inspanningen om structurele hervormingen door te voeren.

Download het artikel:

Disclaimer
Deze publicatie is uitsluitend bedoeld voor gebruik door media. Deze publicatie is uitsluitend opgesteld ter informatie en is geen aanbod noch een uitnodiging om effecten of een ander beleggingsproduct te kopen of verkopen of om deel te nemen in een handelsstrategie noch het verlenen van een beleggingsdienst. Hoewel de inhoud van dit document met de meeste zorg is samengesteld en is gebaseerd op betrouwbare informatiebronnen, wordt er geen enkele uitdrukkelijke of impliciete garantie of verklaring gegeven omtrent de juistheid of volledigheid van de informatie. De informatie in deze publicatie kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. NN Investment Partners B.V., NN Investment Partners Holdings N.V., noch enig andere vennootschap of onderdeel dat behoort tot de NN Group, noch een van haar bestuurders of werknemers aanvaarden enige aansprakelijkheid of verantwoordelijkheid met betrekking tot de hierin opgenomen informatie. De waarde van uw belegging kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Deze publicatie is niet bestemd voor US Persons als gedefinieerd in Rule 902 van Regulation S van de United States Securities Act of 1933, en mag niet gebruikt worden voor het werven van investeringen of inschrijven op effecten in landen waar dit niet is toegestaan door de lokale toezichthouder of wet- en regelgeving. Op deze disclaimer is Nederlands recht van toepassing.

Over de auteur

Willem Verhagen

Willem Verhagen

Senior Economist, Multi-Asset

Ervaring sinds 1997

Ervaring in het bedrijfsleven

2002-heden Willem is Senior Econoom binnen de Multi-Asset Boetiek van NN Investment Partners. Hij is verantwoordelijk voor de analyse van internationale macro-economische ontwikkelingen

2001-2002 Onderzoeker bij De Nederlandsche Bank, verantwoordelijk voor het uitvoeren van beleidsrelevant wetenschappelijk onderzoek en de interne advisering over praktische beleidskwesties

2000 Stage op de afdeling Monetary Assessment and Strategy van de Bank of England

1996-2001 Docent aan de Universiteit Tilburg

1996-1997 Student-assistent van Prof. Lubbers (oud-premier)

Diploma’s en kwalificaties

Doctoraat (Monetaire) Economie in 2011

Master (Macro-)economie (1996), Universiteit Tilburg

Toon meer

Toon meer